Ik heb een nieuwe job. ‘Weeral’ denken jullie nu, of dat beeld ik mij toch in. Wanneer je voor de 7e keer in 8,5 jaar met zo’n nieuws komt kan je dat in ieder geval verwachten. Hoewel ik ook deze keer oprecht blij ben, breng ik steeds minder vrienden op de hoogte, omdat ik mij er op den duur wel een beetje voor schaam, eerlijk gezegd.
Het is niet dat ik al ooit ergens met slaande deuren ben vertrokken. Integendeel, ik kon meestal op begrip van ex-collega’s en bazen rekenen en kreeg op veel plaatsen zelfs lieve afscheidscadeautjes. Maar mijn schuldgevoel was er altijd, de ene keer misschien minder aanwezig dan de andere, afhankelijk van de redenen van mijn vertrek.
Welke redenen, vraag je? Echt van alles. Te eentonig, slechte werksfeer, te weinig appreciatie, te ver van huis, compleet gestoorde bazen en/of collega’s, en in het slechtste geval zelfs een combinatie van al het voorgaande.
Geef ik te snel op? Misschien. Toch denk ik dat het voor mij de enige manier was om het vol te houden, tot nu toe. Werk is zo’n groot deel van ons leven dat ik mij niet kan voorstellen dat ik jaren op een plek zou blijven werken waar ik mij niet goed voel, om welke reden dan ook.
Vermoeiend wel, dat constante solliciteren en blijven zoeken. Al leverde het mij, naast veel jobs, ook heel wat zelf- en andere mensenkennis op. Niet te geloven wat je soms meemaakt. Gelezen van die tekenpremies bij Plopsaland? Wel, laat ons zeggen dat het mij niks verwondert dat ze daar anders niemand vinden. Als een CEO je vlakaf vraagt waarom je niet gewoon eerst nog een kind maakt als je niet genoeg uitdaging vindt in je huidige job, weet je het wel.
Op een andere plek werd ik midden in het gesprek overvallen met de vraag ‘hoeveel is 11 maal 12?’, waarop mijn spontane reactie ‘haha, serieus?’ was (ja, dat was het, en ik werd zelfs aangenomen).
De leukste vond ik eigenlijk heel simpel, een HR-manager vroeg mij oprecht geïnteresseerd welk boek ik aan het lezen was, waarna we zelfs wat boekentips uitwisselden.
En toch hoop ik dat dat zoeken nu even (of zelfs heel lang) mag stoppen. Dat ik mij deze keer niet vergist heb, en gewoon kan genieten van het gevoel dat ik goed zit. De eerste 7 weken heb ik in ieder geval al overleefd. Het is zeker niet eentonig of te ver van huis, ik fiets er zelfs (in mijn hoofd fluitend) naartoe, en tot nu toe heb ik er – behalve mijzelf – nog geen gestoorde mensen ontdekt. Niet slecht, toch?
Ik wens u heel veel uitdagingen en succes…
Groetjes tante Keen
LikeLike
Merci tante!
LikeLike